3-ster duiker

Opleiding tot 3ster duiker (Dive leader - EN-14153)

Ondertussen heb je al heel wat ervaring opgedaan. Je hebt letterlijk al verschillende watertjes doorzwommen maar je vindt steeds moeiteloos de weg naar huis. Volledig bewust van de mogelijk gevaren plan je je duiken op een zo veilig mogelijke manier en je bent dan ook perfect in staat om andere duikers, ook met minder ervaring dan jij, mee te nemen.

Moest er, ondanks je zorgvuldige voorbereidingen, toch iets mislopen dan weet je wat te doen en reageer je gepast. Hoog tijd om door te stromen naar het volgende niveau. Eenmaal 3ster duiker geworden mag je met bijna iedereen - met uitzondering van de prille beginners - duiken, je mag tot 40m diep gaan, ...

Indien het je aanspreekt kan je je vanaf dan ook al stillaan beginnen voor te bereiden op het instructeurschap. Vanaf 3ster duiker kan je immers al mee doen aan de didactische opleidingen die daarvoor vereist zijn.

Definitie

Een 3ster duiker moet in staat zijn 'zelfstandig' te duiken. Hij is in staat duiken te leiden die geen uitzonderlijke moeilijkheidsgraad hebben (bv. geen duiken met volslagen beginnelingen, ...) Hierbij moet hij alle veiligheidsmaatregelen kunnen treffen, alle duikongevallen kunnen herkennen en er gepast op kunnen reageren.

Voorwaarden

  • minstens 16 jaar oud zijn
  • 2ster duiker zijn
  • medisch geschikt zijn
  • lid zijn van een Nelos club

Voor het brevet te kunnen behalen dien je bovendien nog aan een aantal bijkomende voorwaarden te voldoen:

  • minstens 6 maanden 2ster duiker zijn
  • minstens 30 duikuren hebben
  • minstens 60 duiken gedaan hebben
  • 40 duiken gedaan hebben tussen 10 en 30m
  • 25 duiken gedaan hebben in de zone(30)
  • 4 duiken gedaan hebben vanaf een boot
  • 4 duiken gedaan hebben in Zeeland of een ander getijdewater met beperkte zichtbaarheid

Theorie

  • decompressietechnieken
  • fysica
  • materieelkennis, onderhoud, werking, vereisten, ...
  • anatomie
  • mechanische ongevallen
  • gasintoxicaties
  • decompressieongeval
  • duikplanning en organisatie
  • organisatie van een duik met een boot
  • organisatie van een duik in getijdenwaters
  • veiligheidsreglement
  • ...

Zwembad

  • 25m in apneu
  • twee maal masker ledigen
  • 45 seconden stilstaande apneu
  • gecombineerde proef
  • 4 x 20m tussen twee flessen
  • Ster met vier duikers
  • 20m apneu in uitrusting
  • 60m met twee duikers op één fles

Open water

  • C1: 1000m palmen in volledige uitrusting
  • C2: stijgen van de zone(30) + OSB
  • C3: redding van de zone(10), slepen, CPR, 02 toedienen
  • C4: wisselademhaling in zone(30), stijgen op 2de ontspanner
  • C5: redding van zone(30) tot aan de oppervlakte
  • CL1: basis duikleiding
  • CL2: basis duikleiding
  • CL3: duikleiding met OSB en kompasoefening
  • CL4: duikleiding in de Oosterschelde met OSB en kompas

De proeven in de zone(30) mogen pas worden afgelegd na het behalen van de vereiste 25 duiken in deze zone.

 

Deel dit artikel op Facebook

Submit to Facebook